Het verdriet van België

  • Written by: Johan Atsma
  • Written on: 7 juli 2016
Book cover
  • Hugo Claus
  • Roman
  • Kemmel

In 2008 kampeer ik ergens vlakbij Kemmel . Dat is niet ver van Ieper vandaan, het centrum van het engelse front tijdens de eerste wereldoorlog. Ik maak een toerrit langs verschillende gedenkplaatsen waaronder de grote engelse begraafplaats te Passendale. Er loopt een litteken door West Vlaanderen vanaf Nieuwpoort aan de kust in zuidelijke richting langs Ieper Noord Frankrijk in naar de franse slagvelden bij de Somme en verder oostelijk Verdun. Als hollander ontdek je daar de diepe indruk die de Grote Oorlog heeft geslagen in landschap, dorpsleven en cultuur. Overal vind je de begraafplaatsen, gedenkplekken, monumenten en monumentjes. Sommige groot, zoals Tyne Cot cemetery, sommige ontroerend klein, ergens enkele tientallen witte kruizen vlak achter een boerderij of pal langs een landweggetje.

 

Diepe indruk maakt een beeldhouwwerk van Kate Kollwitz “treurend ouderpaar’ op de duitse begraafplaats van Vladslo. Ontroerend is het trompetspel ’s avonds om acht uur bij de Menenpoort in Ieper. Drie mannen spelen de ‘last post’ en dat gebeurt al sinds 1928 elke avond weer. Een monstrueus geval bij Thiepval met daarop de namen van duizenden slachtoffers ingekerrfd. Namen die als ik er ben door enkele mannen met gereedschap zorgvuldig worden gereinigd en opnieuw worden ingefreesd. En zo verder naar Verdun, het houdt niet op. Teveel om op te noemen, teveel om in een weekende toeren allemaal te bezoeken. Ik heb er maar een meerjaren project van gemaakt. Soms sla ik een jaartje over maar het blijft trekken. Daarin ben ik bepaald de enige niet, er zijn vele loopgraaftoeristen waaronder vele engelsen.

Terug naar West Vlaanderen. Het land van de langgerekte dorpen langs betonbeplaatte wegen die een onaangenaam ritme teweegbrengen onder mijn daarvoor nogal gevoelig klein autootje. Daar waar onaanzienlijke kroegen in elk dorp bevolkt worden door vaste gasten die op ‘de helaasheid der dingen’ proosten met een goed glas pils en daarna nog een en nog een. Ook het land van de Ijzertoren bij Diksmuide met daarop de letters AVV / VVK, wat staat voor Alles Voor Vlaanderen, Vlaanderen Voor Kristus. Uitgangspunt voor de Ijzerbedevaart, symbool voor de vrede en al sinds jaar en dag mede symbooldrager voor het wat meer bedenkelijke vlaams nationalisme.

 

 

Al rijdend door West Vlaanderen, een landschap dat me niet vrolijk stemt, wegen die me irriteren, gedenkplaatsen die me regelmatig ontroeren en bier dat me prima smaakt, gaat het Verdriet van Belgie gestalte krijgen. Bij toeval heb ik het prachtige boek van Hugo Claus bij me. Niet vooropgezet, welnee, het kostte slechts 15 euro in een goedkope herdruk, ik had het nog nooit gelezen en het was lekker dik: goeie koop. Eenmaal in mijn tentje begonnen met lezen, zit ik er al snel midden in. De jeugd van Louis Seynaeve trekt aan me voorbij terwijl ik in het gras zit met mijn rug tegen het voorwiel van mijn Caterham. Broodje met lekkere kaas erop. En straks de kantine in, boek mee en dan een goed glas Chimay.

 

Ik geniet. Wie kent hem niet, Hugo Claus. Het bekende multi talent met bourgondische inslag en een zoon bij onze nationale trots Sylvia Kristel. Maar ik had eigenlijk nooit echt iets van hem gelezen.Ja, ‘Omtrent Deedee’ las ik ooit voor de literatuurlijst die ik verplicht moest samenstellen en nog lezen ook op de HAVO. Geen idee meer waar dat over ging. Nou is Harry Mulisch voor mij de schrijver die ik op basis van zijn persoonlijkheid liever niet lees. Maar bij Hugo Claus had ik dat niet, het was er gewoon nooit meer van gekomen, wellicht omdat ik die ‘Deedee’ waarschijnlijk niet zo goed vond en andere boeken zich aan me opdrongen.

 

 

Maar goed, nu dan die goedkope uitgave op een camping in Kemmel. Dat verhaal, dat zit wel goed, je raakt al snel betrokken in het wel en wee van een vlaamse familie in de tweede wereldoorlog, niet geheel van foute smetten vrij, de complexe politieke verhoudingen tijdens de 2e wereldoorlog zijn een stuwende kracht in het verhaal. Het dagelijkse leven wordt bevolkt door allerlei prachtige namen, Nonkels, Zusters, Moeder –Overste en wat dies meer zei. En dat alles opgetekend in een vlaamse tongval, met vlaamse woordschikkingen. Op de camping in het gras al prima maar helemaal top op een terras ergens in het belgische land, wederom een goed glas bier voor mijn neus en de vlaamse tongval alom vertegenwoordigd om me heen. Een akoustische ervaring die zeer bijdraagt aan het genieten van het boek.

 
Nu in Amsterdam, gewoon thuis, zit ik dit een paar jaar later allemaal op te schrijven en ik heb ‘het verdriet…’ er bij gepakt. Er zit nog een foldertje in van de Sinksenkermis 2008 te Kemmel. Er is op zaterdag 10 mei 2008 om 9.00 Vinkenzetting, om 15.00 Baanbolling op de Dries en ’s avonds is er een optreden van de Pilsjaars in de Lockedyze, begrijpt u wat ik bedoel? ik laat het boek op tafel liggen en ga het binnenkort weer herlezen, zou locatielezen ook andersom werken? Brengt het me terug naar Kemmel?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *